De verdachte heeft tijdens de Covid-19 pandemie misbruik gemaakt van de noodmaatregelen voor ondernemers door zijn klusbedrijf om te zetten in een kappersbedrijf zonder de vereiste opleiding, om zo in aanmerking te komen voor financiële tegemoetkoming. Hij vulde een aanvraagformulier met valse gegevens in en ontving onterecht €4.000. Daarnaast deed hij een onjuiste aangifte omzetbelasting door een onjuist bedrag aan voorbelasting op te geven.
In eerste aanleg werd de verdachte veroordeeld tot een taakstraf van 180 uur, subsidiair 90 dagen hechtenis. In hoger beroep heeft het hof dit vonnis bevestigd, behalve de straf, die werd vernietigd en vervangen door een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van 2 maanden. Het hof nam mee dat de verdachte het geld nog niet had terugbetaald en geen verantwoording aflegde, aangezien hij niet bij de zittingen aanwezig was.
Het hof oordeelde dat het handelen van de verdachte het vertrouwen in de waarheidsgetrouwheid van officiële documenten ernstig schaadt en dat de straf in verhouding moet staan tot de ernst van de feiten en de maatschappelijke gevolgen. Tevens werd de schadevergoeding van €4.000 aan de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland toegewezen, vermeerderd met wettelijke rente vanaf 8 april 2020.
De verdachte werd veroordeeld tot betaling van de materiële schade en de wettelijke rente, met een gijzelingstermijn van maximaal 50 dagen bij niet-nakoming. Het arrest is uitgesproken door het hof Den Haag op 25 oktober 2022.