ECLI:NL:GHDHA:2022:2857
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging vonnis ontruiming en betaling gebruiksvergoeding door Gerechtshof Den Haag
In deze civiele zaak is appellant in hoger beroep gekomen tegen het vonnis van de kantonrechter Rotterdam van 4 februari 2022, waarin hij werd veroordeeld tot ontruiming en betaling van een gebruiksvergoeding aan Stichting Woonstad Rotterdam.
Het hoger beroep is behandeld volgens de Second Opinion-procedure, waarbij beide partijen instemden met deze versnelde procedure en het hof de zaak herbeoordeelde op basis van de stukken uit eerste aanleg. Het hof heeft kennisgenomen van de grieven van appellant, die stelde dat de kantonrechter ten onrechte de vordering van Woonstad had toegewezen.
Na bestudering van het dossier en de grieven heeft het hof zich aangesloten bij de overwegingen van de kantonrechter en het vonnis bekrachtigd. Het hof heeft appellant veroordeeld in de kosten van het hoger beroep, die beperkt zijn tot het griffierecht en een punt advocaatkosten voor de mondelinge behandeling.
De uitspraak werd gedaan op 2 augustus 2022 door het Gerechtshof Den Haag, waarbij het vonnis van de kantonrechter ongewijzigd bleef en appellant werd veroordeeld tot betaling van € 783,- griffierecht en € 1.114,- aan advocaatkosten.
Uitkomst: Het Gerechtshof Den Haag bekrachtigt het vonnis van de kantonrechter en veroordeelt appellant tot ontruiming en betaling van gebruiksvergoeding en kosten.