Uitspraak
GERECHTSHOF DEN HAAG
Uitspraak van 15 december 2022
[belanghebbende] . te [Z] , belanghebbende,
de inspecteur van de Belastingdienst, de Inspecteur,
Procesverloop
Feiten
Oordeel van de Rechtbank
Beoordeling van het geschil
€ 20.295 -/-
Omschrijving geschil in hoger beroep en conclusies van partijen
Beoordeling van het hoger beroep
Beslissing
- vernietigt de uitspraak van de Rechtbank, maar alleen voor zover deze betreft de beslissing omtrent de proceskosten;
- veroordeelt de Inspecteur in de proceskosten van belanghebbende voor het geding voor de Rechtbank tot een bedrag van € 379,50 voor beroepsmatig verleende rechtsbijstand, te verhogen met wettelijke rente over de periode vanaf vier weken na verzending van de uitspraak van de Rechtbank tot aan de dag van voldoening van het deel dat nog niet is betaald;
- veroordeelt de Minister in de proceskosten van belanghebbende voor het geding voor de Rechtbank tot een bedrag van € 379,50 voor beroepsmatig verleende rechtsbijstand, te verhogen met wettelijke rente over de periode vanaf vier weken na verzending van de uitspraak van de Rechtbank tot aan de dag van voldoening van het deel dat nog niet is betaald;
- veroordeelt de Inspecteur in de proceskosten van belanghebbende voor het geding voor het Hof tot een bedrag van € 379,50 voor beroepsmatig verleende rechtsbijstand, te verhogen met wettelijke rente over de periode vanaf vier weken na verzending van de uitspraak van het Hof tot aan de dag van voldoening;
- veroordeelt de Minister in de proceskosten van belanghebbende voor het geding voor het Hof tot een bedrag van € 379,50 voor beroepsmatig verleende rechtsbijstand, te verhogen met wettelijke rente over de periode vanaf vier weken na verzending van de uitspraak van het Hof tot aan de dag van voldoening;
- bepaalt dat het voor het hoger beroep betaalde griffierecht van € 541 door de griffier aan belanghebbende wordt terugbetaald.