Uitspraak
GERECHTSHOF DEN HAAG
1.De zaak in het kort
2.Procesverloop in hoger beroep
- de dagvaarding van 8 maart 2022, waarmee [appellante] in hoger beroep is gekomen van het vonnis van de kantonrechter in de rechtbank Den Haag van 9 december 2021;
- de memorie van grieven van [appellante] , met bijlagen;
- de memorie van antwoord van VvE, met bijlagen;
- de akte uitlaten producties van [appellante] ;
- de antwoordakte van de VvE.
3.Feitelijke achtergrond
2.Vaststellen aantal uit te brengen stemmen
7.OnderhoudIn opdracht van de VvE is door Bouwkundig Bureau Haaglanden een werkomschrijving opgesteld voor het achterstallig schilderwerkzaamheden. Conform deze omschrijving zijn offertes aangevraagd. Van de volgende firma’s hebben wij de offertes ontvangen.- [betrokkene 1] € 22.781,57- [betrokkene 2] € 34.504,90- [betrokkene 3] € 23.654,18
8.Eenmalige Bijdrage
10.Begroting(en)
13.Incassomandaat
4.Procedure bij de kantonrechter in de rechtbank
5.Vordering in hoger beroep
6.Beoordeling in hoger beroep
Nietige besluiten?
7.Beslissing
- bekrachtigt het vonnis van de kantonrechter in de rechtbank Den Haag van 9 december 2021;
- veroordeelt [appellante] in de kosten van het hoger beroep, aan de zijde van de VvE begroot op € 783,- aan griffierecht en € 1.254,- (1,5 punt x tarief I) aan kosten voor de advocaat en € 173,- aan nasalaris, te verhogen met € 90,- indien niet binnen veertien dagen na aanschrijving aan dit arrest is voldaan en vervolgens betekening van dit arrest heeft plaatsgevonden.