ECLI:NL:GHDHA:2024:1673
Gerechtshof Den Haag
- Beschikking
- A. Zonneveld
- G.G.B. Boelens
- J.B. Backhuijs
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep partneralimentatie na echtscheiding met vaststelling draagkracht en behoefte
Partijen zijn gehuwd sinds 2001 en zijn door echtscheiding ontbonden per 29 december 2022. De rechtbank had het verzoek van de vrouw tot partneralimentatie afgewezen, maar de vrouw ging hiertegen in hoger beroep.
De rechtbank had de huwelijksgerelateerde behoefte van de vrouw vastgesteld op €1.105 netto per maand, welke niet werd betwist. De man voerde ter zitting aan dat de vrouw geen woonlasten heeft, waardoor haar behoefte lager zou zijn, maar dit verweer werd niet tijdig ingebracht en onvoldoende onderbouwd. Het hof hield daarom vast aan de vastgestelde behoefte.
De vrouw ontkende inkomsten uit verhuur en verkoop en toonde medische beperkingen aan die haar arbeidsvermogen beperken. Het hof concludeerde dat zij geen verdiencapaciteit heeft en niet in haar levensonderhoud kan voorzien. De man heeft een netto besteedbaar inkomen van €2.375 per maand, waaruit volgens de forfaitaire berekeningswijze een draagkracht van €258 per maand volgt.
Het hof vernietigde de bestreden beschikking voor zover het partneralimentatie betreft en bepaalde dat de man vanaf 29 december 2022 maandelijks €258 netto aan de vrouw betaalt. De proceskosten worden gecompenseerd, waarbij elke partij haar eigen kosten draagt.
Uitkomst: De man moet vanaf 29 december 2022 maandelijks €258 netto partneralimentatie aan de vrouw betalen.