ECLI:NL:GHDHA:2024:2497
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep
- J.A.M.J. Janssen-Timmermans
- A. de Lange
- J.J.H.M. van Gennip
- Rechtspraak.nl
Nietigverklaring dagvaarding in hoger beroep wegens onjuiste betekening in strafzaak
In deze strafzaak is het hoger beroep ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in Rotterdam. Tijdens de terechtzitting op 4 maart 2024 bleek dat de dagvaarding aan verdachte niet op de wettelijk voorgeschreven wijze was betekend. Verdachte heeft een bekend buitenlands adres in Frankrijk, maar de dagvaarding is niet naar dit adres verzonden zoals vereist volgens artikel 36e lid 3 van het Wetboek van Strafvordering.
Omdat verdachte niet op de terechtzitting is verschenen en de dagvaarding niet rechtsgeldig was betekend, verklaart het hof de dagvaarding in hoger beroep nietig. Dit betekent dat het hoger beroep niet ontvankelijk is en het vonnis van de politierechter voorlopig blijft staan.
Het arrest is uitgesproken door de meervoudige kamer van het Gerechtshof Den Haag op 4 maart 2024. De nietigverklaring volgt uit de strikte toepassing van de regels rond betekening van dagvaardingen aan buitenlandse adressen, ter waarborging van het recht op een eerlijk proces.
Uitkomst: De dagvaarding in hoger beroep is nietig verklaard wegens onjuiste betekening aan het buitenlandse adres van verdachte.