ECLI:NL:GHDHA:2024:2663
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging WOZ-waarde woning na bezwaar en beroep tegen te hoge waardebepaling
Belanghebbende is eigenaar van een vrijstaande woning die voor het jaar 2022 door de Heffingsambtenaar van de gemeente Alphen aan den Rijn is gewaardeerd op €1.150.000. Tegen deze beschikking is bezwaar gemaakt en vervolgens beroep ingesteld bij de Rechtbank, dat ongegrond werd verklaard. Belanghebbende stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak.
De Heffingsambtenaar onderbouwde de vastgestelde waarde met een taxatierapport en een waardematrix waarin vergelijkingsobjecten werden opgenomen. De Rechtbank en het Hof oordeelden dat de vergelijkingsobjecten voldoende vergelijkbaar waren en dat met verschillen in oppervlakte, ligging en voorzieningen voldoende rekening was gehouden. De door belanghebbende aangevoerde bezwaren, waaronder het ontbreken van bepaalde gegevens in de bezwaarfase en de toepassing van iWOZ-rapporten, werden verworpen.
Hoewel belanghebbende stelde dat de garage ten onrechte was meegenomen en dat een deel van het perceel uit water bestond, leidde dit slechts tot een beperkte waardevermindering die de vastgestelde waarde niet ondermijnde. Ook het bezwaar tegen de waardering van het onderheide terras werd ongegrond verklaard. De door belanghebbende voorgestelde lagere waarde werd niet voldoende onderbouwd. Het Hof bevestigde daarom de uitspraak van de Rechtbank en verklaarde het hoger beroep ongegrond.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de WOZ-waarde van €1.150.000 wordt bevestigd.