ECLI:NL:GHDHA:2024:350
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep
- Chr.Th.P.M. Zandhuis
- W.M.G. Visser
- A.P. Bliek-Monsma
- Rechtspraak.nl
Bevestiging WOZ-waarde woning nabij hoogspanningsmast na hoger beroep
Belanghebbende is eigenaar van een geschakelde woning uit 1992 nabij een hoogspanningsmast. De heffingsambtenaar stelde de WOZ-waarde voor het jaar 2020 vast op €390.000 en wees het bezwaar van belanghebbende af. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en belanghebbende stelde hoger beroep in.
Tijdens de procedure overwoog het hof dat de heffingsambtenaar aannemelijk heeft gemaakt dat de waarde niet te hoog is vastgesteld. Dit is onderbouwd met een taxatierapport inclusief een matrix die voorzieningen, onderhoud en ligging vergelijkt met vergelijkingsobjecten. De nabijheid van de hoogspanningsmast is met €50.000 in mindering gebracht. De stelling van belanghebbende dat de woning onverkoopbaar zou zijn, werd niet gevolgd.
Het verzoek van belanghebbende om nadere stukken, zoals transportakten en onderbouwing van indexeringspercentages, werd als te laat en onvoldoende specifiek beoordeeld en buiten beschouwing gelaten. Het hof bevestigde dat de heffingsambtenaar voldoende inzicht heeft gegeven in de waarderingsmethode, inclusief de toepassing van de wet van het afnemend grensnut bij de grondwaarde.
Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is op 5 maart 2024 in het openbaar uitgesproken door het Gerechtshof Den Haag.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de WOZ-waarde van €390.000 bevestigd.