Uitspraak
GERECHTSHOF DEN HAAG
1.De zaak in het kort
2.Procesverloop in hoger beroep
- de dagvaarding van 15 maart 2023, met bijlagen, waarmee [appellant] in hoger beroep is gekomen van het vonnis van de kantonrechter in de rechtbank Rotterdam van 16 februari 2023 (hierna: het (bestreden) vonnis, en: de kantonrechter); in de dagvaarding zijn de grieven tegen het vonnis opgenomen en is verzocht om behandeling als spoedappel, welk verzoek door de rolraadsheer van het hof is afgewezen;
- het arrest van dit hof van 25 april 2023, waarin een mondelinge behandeling is gelast;
- het proces-verbaal van de mondelinge behandeling van 1 juni 2023;
- de akte van [appellant] van 1 augustus 2023, met een bijlage;
- de memorie van antwoord van Woonplus van 29 augustus 2023, met bijlagen;
3.Feitelijke achtergrond
4.Procedure bij de rechtbank
5.Vordering in hoger beroep
6.Beoordeling in hoger beroep
Belang?
7.Beslissing
- bekrachtigt het vonnis van de kantonrechter in de rechtbank Rotterdam van 16 februari 2023;
- veroordeelt [appellant] in de proceskosten in hoger beroep, aan de zijde van Woonplus tot heden begroot op € 783,- aan griffierecht en € 2.428,- aan salaris voor de advocaat, en daarna begroot op € 178,- aan nasalaris voor de advocaat, te vermeerderen met € 92,- in het geval [appellant] niet binnen veertien dagen aan deze kostenveroordeling voldoet en Woonplus bij gebreke daarvan dit arrest heeft moeten laten betekenen;
- verklaart deze kostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad.