ECLI:NL:GHDHA:2024:753
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep
- Chr. Th. P. M. Zandhuis
- Rechtspraak.nl
Hersteluitspraak over proceskostenvergoeding en griffierecht in hoger beroep belastingrecht
In deze zaak stond een hoger beroep centraal van belanghebbende tegen een uitspraak van de Rechtbank Den Haag inzake belastingrecht. Het Gerechtshof Den Haag had op 21 maart 2024 reeds uitspraak gedaan, maar ontdekte een kennelijke fout in het dictum met betrekking tot de wijze van uitbetaling van de proceskostenvergoeding en het griffierecht.
De fout bestond eruit dat in het dictum was opgenomen dat uitbetalingen uitsluitend op een bankrekening op naam van belanghebbende moesten plaatsvinden, terwijl dit slechts in de rechtsoverweging was vermeld. Het Hof achtte deze fout zodanig dat herstel via een hersteluitspraak noodzakelijk was.
De hersteluitspraak van 27 maart 2024 corrigeert het dictum door de bepaling omtrent de uitbetaling te verwijderen en bevestigt dat de Heffingsambtenaar de proceskostenvergoeding van € 4.248,26 en het griffierecht van € 186 aan belanghebbende moet vergoeden.
Deze hersteluitspraak werd vastgesteld door voorzitter Zandhuis en griffier Postema en openbaar uitgesproken op 27 maart 2024. Een afschrift is digitaal en per post verzonden aan partijen.
Uitkomst: Het Gerechtshof herstelt de uitspraak door correctie van het dictum en veroordeelt de Heffingsambtenaar tot betaling van proceskostenvergoeding en griffierecht aan belanghebbende.