Uitspraak
GERECHTSHOF DEN HAAG
1.[verweerster 1],
2.de Vereniging van Eigenaars […],
1.De zaak in het kort
2.Procesverloop in hoger beroep
- het beroepschrift van [verzoekster], met bijlagen, bij de griffie binnengekomen op 30 augustus 2024, waarmee [verzoekster] in hoger beroep is gekomen van de beschikking van de kantonrechter in de rechtbank Den Haag van 6 juni 2024;
- het verweerschrift van [verweerster 1], met bijlagen, dat op 19 mei 2025 bij de griffie is binnengekomen;
- de akte overlegging producties, met bijlagen 3 en 4, die [verzoekster] ter gelegenheid van de mondelinge behandeling van 29 juli 2025 heeft overgelegd;
- het proces-verbaal van de mondelinge behandeling van 29 juli 2025 [waarin per abuis is vermeld dat mr. Van Munster ook optreedt voor de VvE; de VvE is in de procedure bij het hof echter niet verschenen];
- de spreekaantekeningen van [verzoekster] van 29 juli 2025;
- de pleitnota van [verweerster 1] van 29 juli 2025.
3.Feitelijke achtergrond
4.Procedure bij de rechtbank
5.Beoordeling in hoger beroep
6.Beslissing
- bekrachtigt de beschikking van de kantonrechter in de rechtbank Den Haag van 6 juni 2024;
- veroordeelt [verzoekster] in de kosten van de procedure in hoger beroep, aan de zijde van [verweerster 1] begroot op € 2.968,- en aan de zijde van de VvE begroot op nihil;
- bepaalt dat als [verzoekster] niet binnen veertien dagen na aanschrijving aan de uitspraak heeft voldaan en deze beschikking vervolgens wordt betekend, [verzoekster] de kosten van die betekening moet betalen, plus extra nakosten van € 92,-;
- verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.