ECLI:NL:GHDHA:2025:24
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep
- W. de Wit
- Chr.Th.P.M. Zandhuis
- S.E. Postema
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid bezwaar WOZ-waarde wegens overschrijding termijn
De Heffingsambtenaar van de gemeente Rotterdam stelde de WOZ-waarde van een woning per 1 januari 2020 vast op €302.000 voor het kalenderjaar 2021. Belanghebbende maakte bezwaar, maar dit werd niet tijdig ingediend volgens de wettelijke termijnen. De Heffingsambtenaar verklaarde het bezwaar daarom niet-ontvankelijk.
Belanghebbende stelde beroep in bij de Rechtbank Rotterdam, die het bezwaar eveneens niet-ontvankelijk verklaarde vanwege het ontbreken van een verschoonbare termijnoverschrijding. Belanghebbende voerde aan dat het bezwaar wel tijdig per post was verzonden, maar de rechtbank achtte de datumstempel op het bezwaar doorslaggevend en concludeerde dat het bezwaar te laat was ontvangen.
In hoger beroep bevestigde het Gerechtshof Den Haag de uitspraak van de rechtbank. Het hof oordeelde dat belanghebbende geen nieuwe feiten of omstandigheden had ingebracht die tot een andere conclusie konden leiden. Het bezwaar blijft daarom niet-ontvankelijk en het hoger beroep is ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het bezwaar tegen de WOZ-waarde is niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de bezwaartermijn; het hoger beroep is ongegrond.