ECLI:NL:GHDHA:2025:622
Gerechtshof Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening inzage dossier IB/PVV en Zvw 2016 in hoger beroep
De Inspecteur legde aan verzoeker aanslagen inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen (IB/PVV) en inkomensafhankelijke bijdrage Zorgverzekeringswet (Zvw) voor het jaar 2016 op. Verzoeker maakte bezwaar tegen deze aanslagen, welke door de Inspecteur werden afgewezen. De rechtbank vernietigde de uitspraken op bezwaar en stelde de belastbare winst en bijdrage-inkomen voor 2016 vast. Verzoeker ging in hoger beroep bij het Gerechtshof Den Haag.
Tijdens het hoger beroep vroeg verzoeker om een voorlopige voorziening om inzage te verkrijgen in alle op de zaak betrekking hebbende stukken bij de Belastingdienst. Ter zitting werd een afspraak gemaakt voor inzage in het dossier IB/PVV en Zvw 2016, welke op 24 maart 2025 plaatsvond. Verzoeker en zijn gemachtigde konden stukken kopiëren.
Het Hof overwoog dat het verzoek om inzage feitelijk geen grondslag meer had omdat inzage reeds had plaatsgevonden. Daarnaast is het aan de bodemrechter om te beoordelen of alle relevante stukken zijn overgelegd en of partijen nog stukken moeten inbrengen. Het verzoek om nadere opdrachten aan de Inspecteur werd afgewezen omdat een voorlopige voorziening geen voorschot mag nemen op de bodemprocedure.
De voorzieningenrechter achtte geen aanleiding voor toewijzing van het verzoek en wees het af. Proceskosten werden niet toegewezen; de bodemrechter zal hierover oordelen. De uitspraak werd op 2 april 2025 in het openbaar uitgesproken door voorzieningenrechter H.A.J. Kroon.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening inzake inzage in het dossier IB/PVV en Zvw 2016 wordt afgewezen.