ECLI:NL:GHDHA:2026:1588
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep
- M.J.M. van der Weijden
- T.A. de Hek
- P.C. van den Brink
- Rechtspraak.nl
Bevestiging wegingsfactor 0,25 bij kostenvergoeding bezwaren dwangbevelkosten
Belanghebbende maakte bezwaar tegen beschikkingen dwangbevelkosten die waren opgelegd wegens niet tijdige betaling van aanslagen lokale heffingen. De Invorderingsambtenaar verklaarde de bezwaren gegrond en kende een kostenvergoeding toe met een wegingsfactor van 0,25, wat de rechtbank bevestigde. Belanghebbende stelde hoger beroep in en voerde aan dat de wegingsfactor onterecht laag was en dat niet alle relevante stukken waren overgelegd.
Het hof oordeelde dat de stukken die belanghebbende miste niet relevant waren voor het geschilpunt, omdat de beschikkingen dwangbevelkosten reeds waren vernietigd. De toepassing van de wegingsfactor 0,25 werd als terecht beoordeeld, omdat het bezwaar eenvoudig was en weinig inspanning vereiste. Uitgebreide bezwaarschriften en andere juridische procedures waren niet relevant voor de beoordeling van de kostenvergoeding.
Daarnaast werd het beroep op betalingsonmacht inzake het griffierecht toegewezen vanwege specifieke omstandigheden, ondanks dat het toetsingskader aanvankelijk onjuist was toegepast. Het hoger beroep werd verder ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenvergoeding toegekend.
Uitkomst: Het Gerechtshof bevestigt de rechtbankuitspraak dat de wegingsfactor 0,25 terecht is toegepast en wijst het beroep op betalingsonmacht griffierecht toe.