ECLI:NL:GHDHA:2026:201
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep
- S.A. Boele
- H.J.M. Burg
- J.P. Heering
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen onrechtmatigheid conservatoir anderbeslag op bedrijfsgoederen afgewezen
In deze civiele zaak vordert appellant een verklaring voor recht dat het conservatoir beslag op haar bedrijfsgoederen onrechtmatig was en schadevergoeding van de Staat. Het beslag was gelegd ter verhaal van een geldboete tegen twee andere verdachten die waren veroordeeld voor witwassen en valsheid in geschrifte.
De rechtbank wees de vordering af en het hof bevestigt dit oordeel. Het hof overweegt dat de vordering verjaard is omdat de verjaringstermijn van vijf jaar begon te lopen op het moment dat appellant bekend was met het beslag, namelijk bij het indienen van het klaagschrift in september 2011. Daarnaast was het beslag als zodanig niet onrechtmatig, mede omdat het rechtsmiddel van beklag openstond en is benut.
Appellant voerde diverse grieven aan, waaronder dat de Staat aansprakelijkheid zou hebben erkend en dat de beslaglegging niet aan formele vereisten voldeed. Het hof verwierp deze grieven, onder meer omdat geen bewijs van aansprakelijkheidserkenning is geleverd en de beslaglegging rechtmatig was. Ook het beroep op het gelijkheidsbeginsel en de stelling dat de bestuurder niet was geïnformeerd faalden.
Het hof bekrachtigt het vonnis van de rechtbank en veroordeelt appellant in de kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis van de rechtbank en wijst de vordering van appellant af wegens verjaring en rechtmatigheid van het beslag.