ECLI:NL:GHDHA:2026:573
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep
- R. Appels
- Chr.A. Baardman
- J.A.M.J. Janssen-Timmermans
- Rechtspraak.nl
Bevestiging taakstraf voor opzettelijk bezit van lachgasflessen ondanks verslavingsproblematiek
De verdachte werd in eerste aanleg veroordeeld tot een taakstraf van 40 uur, subsidiair 20 dagen hechtenis, wegens het opzettelijk aanwezig hebben van drie flessen distikstofmonoxide (lachgas), een middel op lijst II van de Opiumwet.
In hoger beroep voerde de verdachte aan dat hij vanwege zijn verslavingsproblematiek en eerdere opname in een behandelkliniek niet in staat zou zijn een taakstraf te ondergaan zonder terugval. Hij stelde dat de dwang van een taakstraf zijn abstinentie zou kunnen schaden en dat hij door het UWV voor 80 tot 100% arbeidsongeschikt was verklaard.
Het hof oordeelde dat de verdachte wel degelijk in staat is tot het verrichten van werkzaamheden, gezien zijn deelname aan praatgroepen, psychologische gesprekken en vrijwilligerswerk. De subjectieve beleving van dwang werd erkend, maar het hof benadrukte dat dwang inherent is aan strafoplegging. De taakstraf werd als passend en geboden beschouwd.
Het hof bevestigde het vonnis van de politierechter en voegde een nadere motivering toe over de taakstrafongeschiktheid. De straf wordt uitgevoerd met passende intensiteit en invulling door de reclassering. Het beroep op volledige taakstrafongeschiktheid werd verworpen.
Uitkomst: Het hof bevestigt de taakstraf van 40 uur voor het opzettelijk bezit van lachgasflessen ondanks de verslavingsproblematiek van de verdachte.