Uitspraak
1.Het verloop van het geding in eerste aanleg
2.Het geding in hoger beroep
- een journaalbericht van de zijde van de verzoekers van 5 januari 2026 met bijlagen, ingekomen op diezelfde datum;
- een journaalbericht van de zijde van de verweerders van 6 januari 2026 met bijlagen, ingekomen op diezelfde datum.
- [verzoeker 1] ;
- [verzoeker 2] ;
- [verzoeker 3] ;
- [verzoeker 4] ;
- de heer [de vader] , zijnde de vader van [verzoeker 4] en [verzoeker 5] , als gemachtigde voor [verzoeker 5] ,
- [verweerder 1] ;
- [verweerder 2] ;
- [verweerder 3] ;
- [verweerder 4] ;
- [de kleindochter van de erflater] (hierna te noemen: [de kleindochter van de erflater] ), kleindochter van de hierna te noemen erflater;
- een stagiaire van de advocaat van de verzoekers, [stagiaire] ;
- een kantoorgenoot van de advocaat van de verweerders, [kantoorgenoot] .
3.De feiten
4.De omvang van het geschil
5.De motivering van de beslissing
Tenzij de kantonrechter anders bepaalt, oefenen de erfgenamen hun bevoegdheden als vereffenaars van de beneficiair aanvaarde nalatenschap tezamen uit, doch kunnen daden van gewoon onderhoud en tot behoud van de goederen, en in het algemeen daden die geen uitstel kunnen lijden, door ieder van hen zo nodig zelfstandig worden verricht.’