ECLI:NL:GHLEE:2001:AB0504
Gerechtshof Leeuwarden
- Eerste aanleg - meervoudig
- prof. mr Aardema
- mr Drion
- mr Fransen
- Rechtspraak.nl
Beslissing over aftrek makelaarskosten bij landbouwvrijstelling in inkomstenbelasting
Belanghebbende exploiteerde samen met zijn echtgenote een melkveehouderij en staakte de onderneming in 1997, waarbij zij landerijen verkochten met een aanzienlijke boekwinst. De vraag was of makelaarskosten in mindering gebracht mogen worden op de verkoopopbrengst bij de berekening van de landbouwvrijstelling in de inkomstenbelasting.
Belanghebbende stelde dat deze kosten niet ten laste van de waardeverandering van de grond mogen komen, omdat ze niet aan de waardeverandering zijn toe te schrijven, en voerde tevens een beroep op het gelijkheidsbeginsel. De inspecteur verdedigde het standpunt dat de makelaarskosten wel in mindering moeten worden gebracht, omdat de landbouwvrijstelling niet tot een hogere aftrek mag leiden dan de netto waardeverandering.
Het hof overwoog dat de wet voorschrijft dat de verkoopopbrengst verminderd met verkoopkosten het uitgangspunt is voor de bepaling van de boekwinst onder de landbouwvrijstelling. Het beroep op het gelijkheidsbeginsel werd verworpen, omdat situaties met boekwinst en boekverlies niet vergelijkbaar zijn. Het hof verklaarde het beroep ongegrond en handhaafde de aanslag.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende wordt ongegrond verklaard en de aanslag gehandhaafd.