ECLI:NL:GHLEE:2002:AF1491
Gerechtshof Leeuwarden
- Eerste aanleg - meervoudig
- prof. mr. Aardema
- mr. Drion
- mr. Wolt
- Rechtspraak.nl
Vermindering aanslag inkomstenbelasting na verkoop agrarisch bedrijf en melkquotum
Belanghebbende exploiteerde tot 1995 een agrarisch bedrijf in maatschap met zijn vader en nam daarna het aandeel van zijn vader over. In 1998 staakte hij zijn onderneming, verkocht gronden en melkquotum, en diende aangifte inkomstenbelasting in waarbij hij diverse aftrekposten en landbouwvrijstelling toepaste.
De inspecteur accepteerde niet alle aftrekposten, waaronder een bedrag van ƒ 324.100,- dat belanghebbende aan zijn vader betaalde op grond van een overeenkomst, en corrigeerde de aanslag. Belanghebbende ging hiertegen in beroep bij het hof.
Het hof oordeelde dat de verkoopkosten in mindering moeten worden gebracht op de verkoopopbrengst voor de landbouwvrijstelling en dat het bedrag aan de vader als vermindering van de opbrengst van grond en melkquotum moet worden aangemerkt. Ook werd een correctie op de waardering van de ligboxenstal wegens zelfbewoning afgewezen. Het hof vernietigde de uitspraak van de inspecteur en stelde het belastbaar inkomen vast op ƒ 523.157,-, waarbij het bijzondere tarief werd toegepast. Tevens werd de inspecteur veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het hof vernietigt de aanslag en vermindert het belastbaar inkomen tot ƒ 523.157,- met toepassing van het bijzondere tarief.