ECLI:NL:GHLEE:2006:AZ0301
Gerechtshof Leeuwarden
- Eerste aanleg - meervoudig
- G.M. van der Meer
- H.H.A. Fransen
- H. Bakker
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke uitspraak over toezegging inspecteur inzake overdrachtswaarde pensioenverplichtingen
Belanghebbende, directeur en meerderheidsaandeelhouder van D B.V., was betrokken bij een geschil over de overdrachtswaarde van pensioen- en lijfrenteverplichtingen die D B.V. overdroeg aan E B.V. De inspecteur had de aanslag inkomstenbelasting over 1991 verhoogd met een bedrag dat hij als uitdeling aanmerkte. Partijen probeerden voorafgaand aan de procedure een compromis te bereiken over de overdrachtswaarde, waarbij de inspecteur toezegde dat bij overeenstemming de uitdeling zou vervallen.
Na diverse procedures en een arrest van de Hoge Raad werd uiteindelijk een compromis bereikt over de kosten- en winstopslag, waarbij een lagere koopsom werd vastgesteld en terugbetalingen plaatsvonden. Belanghebbende beriep zich op de toezegging van de inspecteur om de uitdeling in de aanslag te laten vervallen.
Het hof oordeelt dat de toezegging van de inspecteur slechts geldt bij een uitdrukkelijk geaccepteerd compromis, wat hier niet het geval was. De latere overeenstemming na het arrest van de Hoge Raad doet hieraan niets af. Tevens stelt het hof dat de waarde in het economische verkeer van het voordeel als uitgangspunt geldt en dat de inspecteur de uitdeling niet te hoog heeft vastgesteld.
Daarom verklaart het hof het beroep ongegrond en wijst het verzoek tot vermindering van het belastbare inkomen af. Over de belastingheffing in andere jaren doet het hof geen uitspraak.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende wordt ongegrond verklaard en de aanslag inkomstenbelasting blijft ongewijzigd.