ECLI:NL:GHLEE:2007:BA2602
Gerechtshof Leeuwarden
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling recht op zelfstandigenaftrek bij gecombineerde loondienst en onderneming
Belanghebbende was in 2002 werkzaam als medisch secretaresse in loondienst en dreef daarnaast een eenmanszaak voor het maken van danskleding. Zij claimde zelfstandigenaftrek op basis van een urenregistratie van 1932,5 uur, maar de inspecteur stelde dat deze registratie onvoldoende betrouwbaar was en startte een boekenonderzoek.
Het boekenonderzoek toonde aan dat slechts 14 jurken/kostuums waren geproduceerd en dat de urenregistratie niet overeenkwam met agenda-afspraken. De inspecteur schatte het aantal uren aan de onderneming op 490, wat ver onder het vereiste urencriterium van 1225 ligt. Belanghebbende kon de betrouwbaarheid van haar urenregistratie niet aannemelijk maken.
Het hof oordeelde dat de urenregistratie te globaal en inconsistent was en dat het beroep ongegrond moest worden verklaard. De inspecteur mocht ter verificatie informatie bij derden inwinnen. Ook was geen sprake van een toezegging dat een urenregistratie zonder specificatie voldoende zou zijn.
De uitspraak van de rechtbank werd bevestigd en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Beide partijen kunnen nog cassatieberoep instellen bij de Hoge Raad.
Uitkomst: Het hof bevestigt dat belanghebbende niet voldoet aan het urencriterium en wijst het beroep af.