ECLI:NL:GHLEE:2009:BJ1286
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- W.P.M. ter Berg
- J.J. Beswerda
- J.A. Wiarda
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak horecaondernemer zonder personeel wegens ontbreken wettelijke verplichting rookverbod
In deze strafzaak stond de vraag centraal of een horecaondernemer zonder personeel wettelijk verplicht is een rookverbod in te stellen, aan te duiden en te handhaven in haar onderneming. De verdachte werd in eerste aanleg veroordeeld wegens het niet naleven van deze verplichting op grond van artikel 10 lid 1 en Pro/of lid 2 van de Tabakswet.
Het hof onderzocht de wettelijke grondslag van deze verplichting en concludeerde dat artikel 10 lid 1 Tabakswet Pro weliswaar maatregelen voorschrijft ter voorkoming van hinder of overlast van roken, maar niet expliciet een rookverbod verplicht stelt voor horecaondernemers zonder personeel. Artikel 10 lid 2 Tabakswet Pro, dat het rookverbod noemt, is niet van toepassing op deze categorie ondernemers omdat de verwijzing ontbreekt in artikel 11a lid 4 Tabakswet.
De stelling van het Openbaar Ministerie dat sprake is van een misslag in de wetgeving en dat de rechter deze mag repareren, werd door het hof verworpen. De wetsgeschiedenis en nota's van toelichting ondersteunen niet dat een rookverbod verplicht is voor horecaondernemers zonder personeel. Het Besluit uitvoering, een algemene maatregel van bestuur, kan deze verplichting niet zelfstandig opleggen zonder wettelijke basis.
Gelet op het legaliteitsbeginsel en het ontbreken van een wettelijke verplichting sprak het hof de verdachte vrij van de tenlastelegging. De eerdere veroordeling werd vernietigd en het hof deed opnieuw recht door vrijspraak uit te spreken.
Uitkomst: De verdachte wordt vrijgesproken wegens het ontbreken van een wettelijke verplichting tot het instellen van een rookverbod.