ECLI:NL:GHLEE:2009:BK6663
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- G.M. van der Meer
- D.V.E.M. van der Wiel
- F.J.W. Drion
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over recht op zelfstandigenaftrek en verzuimboete inkomstenbelasting 2001
Belanghebbende, een ondernemer die judolessen gaf en sportartikelen verhandelde, had voor het jaar 2001 te laat aangifte inkomstenbelasting gedaan, waarop de inspecteur een aanslag en een verzuimboete oplegde. Belanghebbende stelde dat hij recht had op de zelfstandigenaftrek en betwistte de boete.
De rechtbank wees het beroep van belanghebbende af, maar het hof vernietigt deze uitspraak voor zover het de boete betreft en vermindert deze tot €226. Het hof oordeelt dat belanghebbende onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat hij het urencriterium van 1225 uren heeft gehaald, omdat de urenspecificatie pas jaren later en zonder primaire bescheiden is opgesteld.
Het hof acht de boete terecht opgelegd, maar volgt de inspecteur in het voorstel tot vermindering. Persoonlijke omstandigheden van belanghebbende en zijn echtgenote zijn onvoldoende om schuld bij het te laat indienen te weerleggen. De rechtbank had terecht geoordeeld dat belanghebbende geen recht heeft op zelfstandigenaftrek. Het hof veroordeelt de inspecteur in de proceskosten en bepaalt vergoeding van het betaalde griffierecht.
Uitkomst: Het hof vermindert de verzuimboete tot €226 en wijst het beroep op zelfstandigenaftrek af.