ECLI:NL:GHLEE:2010:BN3063
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering aftrek bemiddelingskosten vennootschapsbelasting 2001-2002
Belanghebbende, een vennootschap actief in de in- en verkoop van oliën en vetten, bracht in de jaren 2001 en 2002 aanzienlijke bedragen ten laste van de winst als bemiddelingskosten voor het verwerven van orders in Iran. De Inspecteur weigerde deze aftrek vanwege het ontbreken van voldoende bewijs en administratie over de betalingen en de begunstigden.
Na een eerdere uitspraak van de rechtbank die de beroepen ongegrond verklaarde, stelde belanghebbende hoger beroep in bij het Gerechtshof Leeuwarden. Tijdens het onderzoek ter zitting werd vastgesteld dat belanghebbende geen schriftelijke afspraken had gemaakt over de bemiddelingsfees en geen inzicht kon geven in de toedeling van betalingen aan bemiddelaars. Ook getuigen konden hierin geen duidelijkheid verschaffen.
Het Hof oordeelde dat belanghebbende de bewijslast niet had voldaan om aannemelijk te maken dat de opgevoerde kosten daadwerkelijk betrekking hadden op zakelijke bemiddelingsdiensten. De ondoorzichtige en oncontroleerbare aard van de kosten leidde tot het oordeel dat deze op nihil gesteld moesten worden. Het Hof bevestigde daarmee de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het hoger beroep ongegrond.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de weigering van aftrek van bemiddelingskosten wordt bevestigd.