ECLI:NL:GHLEE:2010:BP0742
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Verdeling en verkoop van de voormalige echtelijke woning na echtscheiding
Partijen zijn in 2004 in gemeenschap van goederen gehuwd en in 2007 gescheiden. De voormalige echtelijke woning, gekocht in 2001, maakt deel uit van de ontbonden gemeenschap. De man betoogt verknochtheid van de woning aan hem vanwege eerdere bewoning en medische aanpassingen, maar het hof acht dit onvoldoende bewezen en wijst dit af. De man kan de woning niet financieren om de vrouw uit te kopen.
De vrouw wenst niet in onverdeeldheid te blijven en verzoekt machtiging tot verkoop van de woning, omdat de man niet meewerkt. Het hof acht het verzoek tot machtiging verkoop gegrond en wijst het toe, met een termijn van vier maanden waarin partijen zelf de woning moeten proberen te verkopen. Indien dit niet lukt, mag de vrouw de woning gelde maken.
Partijen zijn het eens geworden over de afwikkeling: verkoop van de woning en betaling aan de vrouw van €26.500,- wegens overbedeling, inclusief verrekening van levensverzekeringspremies, opbrengsten en gebruiksvergoeding. De vrouw ontvangt rente over dit bedrag zolang het niet betaald is. Verder worden bankrekeningen en kredietrekeningen aan de man toegewezen en wordt vastgesteld dat na deze verdeling partijen niets meer van elkaar te vorderen hebben.
De eerdere beschikking wordt vernietigd en het hof wijst het meer of anders gevorderde af. Kosten worden ieder door eigen partij gedragen.
Uitkomst: De woning wordt verkocht, de vrouw krijgt een bedrag van €26.500,- wegens overbedeling met rente, en partijen dragen elk de helft van de verkoopkosten.