ECLI:NL:GHLEE:2011:BQ0013
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- K.E. Mollema
- L. Groefsema
- M. Wolters
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid hoger beroep wegens ontbinding rechtspersoon Maas Shipping B.V.
In deze zaak stond centraal de ontvankelijkheid van Maas Shipping B.V. in het door haar ingestelde hoger beroep. Het hof stelde vast dat Maas op 26 januari 2009 is ontbonden wegens het ontbreken van bekende baten en dat zij sindsdien niet meer bestaat als rechtspersoon. Hierdoor kan Maas niet ontvankelijk worden verklaard in het hoger beroep dat zij op 7 september 2009 heeft ingesteld.
Het hof baseerde zich op het handelsregister waarin de ontbinding en het ontbreken van baten zijn geregistreerd. Hoewel Maas stelde dat er gelden bij Smallegange N.V. werden gehouden als zekerheid, was niet gebleken dat deze gelden aan Maas toekwamen of dat zij na ontbinding nog baten had. Daarom was geen reden om terug te komen op de eerdere tussenarrestbeslissing die Maas niet-ontvankelijk verklaarde.
De voormalig bestuurder van Maas, die ten tijde van de ontbinding enig bevoegd bestuurder was, werd op grond van artikel 245 lid 1 Rv Pro veroordeeld in de kosten van de procedure in hoger beroep. De advocaatkosten werden begroot op € 4.053,-- en de verschotten op € 770,--. Het hof wees het hoger beroep van Maas af en bevestigde de eerdere beslissing.
Uitkomst: Maas Shipping B.V. wordt niet ontvankelijk verklaard in het hoger beroep en de voormalig bestuurder wordt veroordeeld in de proceskosten.