ECLI:NL:GHLEE:2011:BQ7489
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beoordeling zorgplicht en adviesrelatie bank bij effectenbeleggingen
In deze civiele zaak stond de omvang van de zorgplicht van de bank in een adviesrelatie met een particuliere belegger centraal. De appellant stelde dat de bank zelfstandig aandelen moest verkopen bij een koersverschil van meer dan €0,50 en dat de bank tekort was geschoten in haar advisering over de aankoop en verkoop van aandelen KPNQWest en Getronics.
Het hof heeft bewijslevering toegelaten en getuigen gehoord, maar concludeerde dat de verkoopafspraak zoals gesteld niet was komen vast te staan. De verklaringen van de appellant en zijn getuigen waren inconsistent en onvoldoende onderbouwd. Ook was niet gebleken dat de bank als vermogensbeheerder had opgetreden.
Verder oordeelde het hof dat er wel sprake was van een adviesrelatie, maar dat de bank niet tekort was geschoten in haar advisering. De beleggingsstrategie van appellant was speculatief en hij was voldoende ervaren. De bank had gewaarschuwd voor de risico's en het krediet was volledig afgelost, zodat geen restschuld was ontstaan.
De grieven van appellant werden grotendeels verworpen, het vonnis van de rechtbank werd bekrachtigd en appellant werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis van de rechtbank en wijst het beroep van appellant af.