ECLI:NL:GHLEE:2011:BQ8974
Gerechtshof Leeuwarden
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Ontbinding koopovereenkomst Friese merrie wegens besmetting met EVA-virus
In deze zaak staat de ontbinding van de koopovereenkomst van een Friese merrie centraal, omdat het paard besmet bleek met het Equine Virus Arteritis (EVA). Eiser, een handelaar in Friese paarden, had de merrie gekocht onder de ontbindende voorwaarde dat het paard vrij moest zijn van het EVA-virus voor export naar Chili.
Na aankoop en betaling bleek uit laboratoriumonderzoek dat de merrie Wia positief testte op het EVA-virus. Eiser stelde daarom de overeenkomst ontbonden en vorderde restitutie van de koopsom en schadevergoeding. De voorzieningenrechter wees de vorderingen grotendeels af, maar het hof vernietigde dit vonnis en oordeelde dat de ontbindende voorwaarde was vervuld, waardoor de koopovereenkomst ontbonden moest worden.
Het hof stelde vast dat partijen beroepsmatig in paarden handelen en dat uit de e-mailcorrespondentie duidelijk bleek dat de paarden vrij moesten zijn van EVA. De besmetting met EVA maakte de ontbinding gerechtvaardigd. Het hof veroordeelde geïntimeerde tot terugbetaling van de koopsom van €7.000,- vermeerderd met wettelijke rente, maar wees de schadevergoeding en incassokosten af wegens onvoldoende onderbouwing en het ontbreken van spoedeisend belang.
De uitspraak benadrukt het belang van duidelijke ontbindende voorwaarden in koopovereenkomsten en de zorgvuldigheid bij de beoordeling van spoedeisend belang in kort geding procedures.
Uitkomst: De koopovereenkomst is ontbonden wegens besmetting met het EVA-virus en de koopsom van €7.000,- wordt terugbetaald met wettelijke rente.