ECLI:NL:GHLEE:2011:BT2422
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen naheffing loonheffing en omzetbelasting wegens niet-ontvankelijkheid bezwaar
Belanghebbende werd aansprakelijk gesteld voor naheffingsaanslagen loonheffing en omzetbelasting van een vennootschap onder firma (vof) waarin hij vennoot was. Hij maakte bezwaar tegen deze aansprakelijkstelling, maar dit bezwaar werd door de ontvanger niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de bezwaartermijn.
De rechtbank verklaarde het beroep van belanghebbende ongegrond. In hoger beroep stond centraal de vraag of de ontvanger onzorgvuldig had gehandeld door het bezwaar niet-ontvankelijk te verklaren. Belanghebbende stelde dat de ontvanger de termijnoverschrijding had moeten vergoelijken en het bezwaar inhoudelijk had moeten behandelen.
Het hof oordeelde dat de ontvanger duidelijk had aangegeven dat het bezwaar te laat was ingediend en daarom niet-ontvankelijk was. De omstandigheden die belanghebbende aanvoerde ter rechtvaardiging van de termijnoverschrijding waren onvoldoende. Het hof vernietigde het vonnis van de rechtbank, verklaarde de belastingrechter onbevoegd ten aanzien van de ambtshalve gegeven aansprakelijkstelling en veroordeelde de ontvanger in de proceskosten van belanghebbende.
Uitkomst: Het hof verklaart het hoger beroep gegrond, vernietigt het vonnis van de rechtbank en bevestigt de niet-ontvankelijkverklaring van het bezwaar wegens termijnoverschrijding.