ECLI:NL:GHLEE:2011:BU1958
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep wegens gebruik van lokmiddel bij doden van kolgans in strijd met Flora- en faunawet
Verdachte werd in eerste aanleg veroordeeld wegens het gebruik van een lokmiddel bij het doden van een kolgans, in strijd met artikel 3, achtste lid, van de Verordening schadebestrijding dieren Fryslân 2005. In hoger beroep stelde verdachte dat hij een eendenlokfluit gebruikte die niet geschikt zou zijn om ganzen te lokken. Het hof oordeelde dat het gebruik van een eendenlokfluit als lokmiddel onder de verboden handelingen valt.
Het hof stelde vast dat verdachte samen met een ander een kolgans heeft gedood met gebruikmaking van een lokfluit, waarmee de kolganzen werden gelokt. Dit was in strijd met de verordening die het gebruik van lokmiddelen verbiedt. De kolgans is een beschermde inheemse diersoort waarvoor een uitzondering geldt om schade te bestrijden, maar het gebruik van lokmiddelen blijft verboden.
Het hof vernietigde het vonnis van de politierechter en deed opnieuw recht. Verdachte werd veroordeeld tot een geldboete van €125,-, te vervangen door twee dagen hechtenis bij niet-betaling. Tevens werd de dode kolgans verbeurd verklaard en de lokfluit onttrokken aan het verkeer. Het hof hield rekening met de ernst van het feit en de financiële draagkracht van verdachte.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot een geldboete van €125,- voor het gebruik van een lokfluit bij het doden van een kolgans in strijd met de Verordening schadebestrijding dieren Fryslân 2005.