ECLI:NL:GHLEE:2011:BU5450
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs mishandeling en verwaarlozing paard
In hoger beroep heeft het gerechtshof Leeuwarden het vonnis van de politierechter vernietigd en opnieuw recht gedaan. Verdachte werd ten laste gelegd dat hij in mei 2009 een paard zonder redelijk doel pijn had gedaan en de gezondheid had benadeeld door onder meer het paard te slaan met een zweep, te blinddoeken en onvoldoende zorg te dragen voor de box.
Het hof oordeelde dat de waarnemingen van omwonenden over het slaan met een zweep niet overtuigend waren vanwege de grote afstand en het ontbreken van zichtbare verwondingen op het paard. Ook het tegen het hoofd slaan en blinddoeken kon niet worden bewezen. Hoewel het paard in slechte conditie verkeerde, was niet vastgesteld dat dit rechtstreeks het gevolg was van de handelingen van verdachte, mede gelet op de verklaring van de dierenarts.
Daarom sprak het hof verdachte vrij van het ten laste gelegde. Wel werden de in beslag genomen rijzweep en longeerzwepen onttrokken aan het verkeer omdat deze waren aangepast en een bedreiging voor dieren konden vormen. Het hof baseerde zich op de artikelen 36b en 36d van het Wetboek van Strafrecht.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs dat hij het paard nodeloos heeft geslagen of de gezondheid heeft benadeeld.