ECLI:NL:GHLEE:2012:BV7419
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over investeringsaftrek op woning niet in eigendom van belastingplichtige
Belanghebbende, een agrarisch ondernemer, had in zijn aangifte inkomstenbelasting 2003 een investeringsaftrek opgevoerd voor een kantoorruimte in een woning die op grond van zijn partner was gebouwd. De Inspecteur corrigeerde deze aftrek omdat belanghebbende geen eigenaar was van de grond en de woning. De Rechtbank had het beroep van belanghebbende gegrond verklaard en de aanslag verminderd.
In hoger beroep oordeelt het Hof dat de woning door natrekking toekomt aan de eigenaar van de grond, niet aan belanghebbende. Belanghebbende heeft geen economisch eigendom of belang bij de woning en kan deze daarom niet tot zijn ondernemingsvermogen rekenen. Het beroep op dwaling faalt omdat belanghebbende geen beroep heeft gedaan op vernietiging van de overeenkomst.
Ook het beroep op het vertrouwensbeginsel wordt verworpen omdat belanghebbende niet aannemelijk heeft gemaakt dat een bevoegde ambtenaar een standpunt heeft ingenomen dat hem recht gaf op investeringsaftrek. Het Hof vernietigt het vonnis van de Rechtbank en bevestigt de uitspraak op bezwaar van de Inspecteur.
Uitkomst: Het hoger beroep van belanghebbende wordt ongegrond verklaard en het beroep van de Inspecteur gegrond, waarbij de investeringsaftrek wordt geweigerd.