ECLI:NL:GHLEE:2012:BW8481
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- W. Breemhaar
- K.M. Makkinga
- B.J.H. Hofstee
- Rechtspraak.nl
Schorsing tenuitvoerlegging koopovereenkomst wegens niet-partij zijn echtgenote verkoper
In deze zaak staat centraal de vraag of de echtgenote van de verkoper, die in de koopakte vermeld staat maar deze niet heeft ondertekend, als partij bij de koopovereenkomst kan worden aangemerkt. De rechtbank had geoordeeld dat zij wel partij was, maar het hof stelt dat dit niet het geval is omdat zij de akte niet heeft ondertekend en geen mede-eigenaar was.
De feiten betreffen een koopovereenkomst van een perceel grond, waarbij na een aanvankelijke overeenkomst een aanvullend aanhangsel is opgesteld waarin werd bepaald dat niet de echtgenote, maar de echtgenoot de koper was. De levering vond plaats aan de koper, waarna deze het perceel doorverkocht. Er ontstond vervolgens een geschil over de levering van een strook grond, wat leidde tot een procedure bij de rechtbank en later hoger beroep.
Het hof oordeelt dat de rechtbank een kennelijke juridische misslag heeft begaan door de echtgenote als partij aan te merken. Daarom wordt de incidentele vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging van het vonnis toegewezen voor de echtgenote, maar afgewezen voor de echtgenoot. De zaak wordt verwezen naar een latere rolzitting voor verdere behandeling van het hoger beroep.
Uitkomst: De tenuitvoerlegging van het vonnis wordt geschorst voor de echtgenote van de verkoper, maar niet voor haar echtgenoot.