ECLI:NL:GHLEE:2012:BW9305
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging erkenning minderjarige wegens voorwaardelijke toestemming moeder
In deze zaak verzocht de biologische vader via zijn advocaat om toestemming tot erkenning van zijn kind. De moeder verleende vervolgens toestemming aan een andere man om het kind te erkennen, terwijl zij op de hoogte was van de juridische stappen van de biologische vader.
Het hof onderschrijft het oordeel van de rechtbank dat de moeder slechts voorwaardelijke toestemming heeft gegeven, omdat zij bewust de erkenning door de biologische vader blokkeerde door een andere man toestemming te geven. De belangen van de biologische vader en het kind bij erkenning wegen zwaarder dan de bezwaren van de moeder.
De moeder voerde aan dat de mailcorrespondentie met de man na de relatie beëindiging bedreigingen bevatte, maar het hof achtte dit niet relevant voor de erkenning. Ook het bewijsaanbod van de moeder dat zij geen misbruik van bevoegdheid maakte, werd verworpen omdat dit niet relevant is bij de vaststelling van voorwaardelijke toestemming.
Het hof bevestigt dat de leer van voorwaardelijke toestemming ook geldt indien de verwekker nog geen verzoekschrift bij de rechtbank heeft ingediend, maar wel schriftelijk via een advocaat om erkenning heeft gevraagd. De erkenning door de andere man wordt daarom vernietigd en de beschikking van de rechtbank wordt bekrachtigd.
Uitkomst: De erkenning van het kind door een derde man wordt vernietigd en vervangende toestemming verleend aan de biologische vader.