ECLI:NL:GHLEE:2012:BX4423
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Onrechtmatige tewaterlating van zeiljacht leidt tot schadevergoeding van ruim €16.000
In deze zaak stond de vraag centraal of appellant onrechtmatig heeft gehandeld door het zeiljacht 'Mocking Bird' te water te laten terwijl nog werkzaamheden moesten worden verricht. Het schip was in de winterstalling bij appellant en het onderhoud werd verzorgd door een medewerker van de technische jachtservice. Op 19 mei 2008 liet appellant het schip te water, ondanks dat de medewerker nog werkzaamheden moest uitvoeren en de sleutels van het schip in zijn bezit had.
De rechtbank oordeelde dat appellant in strijd met de zorgvuldigheid heeft gehandeld en veroordeelde hem tot schadevergoeding. Appellant stelde in hoger beroep dat hij niet onrechtmatig had gehandeld en betwistte de hoogte van de schade. Het hof stelde vast dat appellant wist dat het schip nog niet klaar was voor tewaterlating en dat hij zonder controle het schip te water liet, wat onzorgvuldig was.
Het hof verwierp ook het verweer van appellant dat de schade mede aan de eigenaar kon worden toegerekend. De schade van ruim €16.000 werd bevestigd aan de hand van een expertiserapport en betalingsbewijzen. De grieven van appellant werden afgewezen en de vonnissen van de rechtbank werden bekrachtigd, met veroordeling van appellant in de proceskosten.
Uitkomst: Appellant is veroordeeld tot betaling van ruim €16.000 schadevergoeding wegens onrechtmatige tewaterlating van het schip.