ECLI:NL:GHLEE:2012:BX9215
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing schorsing tenuitvoerlegging vonnis inzake verdeling huwelijksvermogen en woningverkoop
Partijen zijn gehuwd met huwelijkse voorwaarden en hebben een geschil over de afwikkeling van hun huwelijksvermogen en de verkoop van gemeenschappelijke woningen. De rechtbank Groningen heeft de vrouw veroordeeld tot medewerking aan de verkoop van woningen en tot betaling van diverse bedragen aan de man, waaronder hypotheekrente en rentevergoeding over geïnvesteerd vermogen.
De vrouw vordert in hoger beroep incidenteel de schorsing van de tenuitvoerlegging van het vonnis, stellende dat zij onvoldoende vermogen heeft en nauwelijks rond kan komen. De man betwist dit en wijst op zijn eigen financiële verplichtingen en het belang bij uitvoering van het vonnis.
Het hof overweegt dat de vrouw onvoldoende feiten en omstandigheden heeft aangevoerd die rechtvaardigen dat van het vonnis wordt afgeweken, noch is sprake van een kennelijke juridische of feitelijke misslag. Het belang van de man bij uitvoering van het vonnis weegt zwaarder dan dat van de vrouw bij schorsing.
Daarom wordt de incidentele vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging afgewezen. De hoofdzaak wordt verwezen naar de rol voor verdere behandeling en beslissing omtrent de kosten van het incident wordt gereserveerd tot de einduitspraak.
Uitkomst: De vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging van het vonnis wordt afgewezen wegens onvoldoende onderbouwd belang van de vrouw.