ECLI:NL:GHLEE:2012:BY1205
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen navorderingsaanslag inkomstenbelasting 2006 betreffende waardering bedrijfspand
Belanghebbende werd geconfronteerd met een navorderingsaanslag inkomstenbelasting 2006 die gebaseerd was op een hogere waardering van een bedrijfspand dan de boekwaarde. De rechtbank had het beroep van belanghebbende gegrond verklaard en de aanslag verminderd. Het Gerechtshof Leeuwarden behandelde het hoger beroep van belanghebbende tegen deze uitspraak en het incidenteel hoger beroep van de Inspecteur.
Het geschil spitste zich toe op de vraag of de navorderingsaanslag terecht was opgelegd en of de waarde van het bedrijfspand op de stakingsdatum correct was vastgesteld. Belanghebbende voerde aan dat de Inspecteur niet bevoegd was tot navordering vanwege een ambtelijk verzuim en betwistte de gehanteerde kapitalisatiefactor voor waardering. Het Hof oordeelde dat de Inspecteur geen ambtelijk verzuim had gepleegd en dat de gehanteerde kapitalisatiefactor van 9,75, gebaseerd op een marktconforme huur en taxatierapporten, juist was.
Het Hof stelde de waarde van het bedrijfspand vast op €541.717 en bevestigde daarmee de navorderingsaanslag. Tevens oordeelde het Hof dat de heffingsrente correct was toegepast. Het hoger beroep van belanghebbende werd ongegrond verklaard en het incidenteel hoger beroep van de Inspecteur gegrond. De uitspraak van de rechtbank werd vernietigd.
Uitkomst: Het hoger beroep van belanghebbende wordt ongegrond verklaard en de navorderingsaanslag inkomstenbelasting 2006 wordt bevestigd.