ECLI:NL:GHLEE:2012:BZ0144
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Toestemming voor opgraving graf en DNA-onderzoek ter vaststelling vaderschap overleden man
De vrouw verzocht de rechtbank om het vaderschap van een overleden man als haar biologische vader vast te stellen en haar geslachtsnaam te wijzigen. De rechtbank wees dit af omdat het beschikbare DNA-materiaal onvoldoende was voor onderzoek. In hoger beroep bevestigde het hof dat het DNA-onderzoek noodzakelijk is om het vaderschap vast te stellen.
Het hof oordeelde dat de rechthebbenden op het graf van de overleden man verplicht zijn toestemming te geven voor de opgraving van het stoffelijk overschot ten behoeve van DNA-afname. Hierbij werd het belang van de vrouw om haar biologische vader te kennen afgewogen tegen het piëteitsgevoel en de rechten van de rechthebbenden.
Het hof benoemde het Forensisch Laboratorium voor DNA-onderzoek aan het Universitair Medisch Centrum Leiden als deskundige en bepaalde dat de vrouw de benodigde vergunning voor opgraving moet aanvragen. De kosten van het onderzoek komen voorlopig voor rekening van de staat. De verdere behandeling van de zaak wordt aangehouden tot ontvangst van het deskundigenrapport.
Uitkomst: Het hof beveelt opening van het graf en DNA-onderzoek om het vaderschap vast te stellen en verplicht rechthebbenden tot medewerking.