ECLI:NL:GHSGR:1998:AA4228
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- A.C. de Groot
- C.G.M. Van Rijnberk
- R.L. van de Water
- Rechtspraak.nl
Vernietiging beschikking over aandelenfusie en toepassing EG Fusierichtlijn
Belanghebbende, advocaat en directeur van A B.V., wenste zijn aandelen in deze praktijkvennootschap over te dragen aan een nieuw op te richten houdstervennootschap via een aandelenruil. De Inspecteur weigerde de faciliteit van een aandelenfusie toe te passen, omdat volgens hem niet voldaan was aan de materiële fusie-eis van financieel en economisch samenbrengen van werkzaamheden.
Belanghebbende stelde dat deze eis in strijd is met de EG Fusierichtlijn, zoals bevestigd door het arrest van het Hof van Justitie in de zaak Leur-Bloem. Het hof oordeelde dat de materiële fusie-eis inderdaad strijdig is met de richtlijn en dat de aandelenruil daarom als een aandelenfusie moet worden aangemerkt.
De Inspecteur voerde aan dat er sprake was van belastingontwijking, maar het hof vond dat het uitstel van belastingheffing juist het doel is van de faciliteit en dat de herstructurering een solide zakelijk motief had, namelijk bescherming tegen buitensporige schadeclaims.
Het hof vernietigde de beschikking van de Inspecteur, oordeelde dat de aandelenruil voldoet aan artikel 14b van de Wet en veroordeelde de Inspecteur tot vergoeding van griffierecht en proceskosten aan belanghebbende.
Deze uitspraak bevestigt de toepassing van de EG Fusierichtlijn op binnenlandse aandelenfusies en benadrukt dat belastingfraude of -ontwijking moet worden bewezen door de Inspecteur.
Uitkomst: De beschikking van de Inspecteur wordt vernietigd en de aandelenruil wordt aangemerkt als een aandelenfusie conform artikel 14b van de Wet.