ECLI:NL:GHSGR:2003:AK4563
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- Savelbergh
- Van Walderveen
- Albert
- Rechtspraak.nl
Beoordeling winstuitdeling en prijsstelling call- en putoptie onder at arm's length-beginsel
Belanghebbende, een besloten vennootschap opgericht in 1996 en gehouden door A, betwist de door de Inspecteur aangebrachte winstcorrectie van ƒ 385.000 in verband met een optieovereenkomst tussen belanghebbende en A. Deze optieovereenkomst omvatte een call- en putoptie met betrekking tot een monumentale woning die belanghebbende in 1997 aankocht en aan A verhuurde.
De kern van het geschil betreft de vraag of de prijsstelling van de call- en putoptie met inachtneming van het at arm's length-beginsel is vastgesteld. Belanghebbende stelt dat de waarde van de call- en putoptie per saldo gelijk is, omdat de kans op waardestijging en waardedaling gelijk zou zijn. De Inspecteur betoogt dat de kans op waardestijging hoger was en dat de waarde van de calloptie aanzienlijk is, terwijl de putoptie geen waarde heeft.
Het hof overweegt dat de optieovereenkomst zo moet worden uitgelegd dat het risico van waardedaling en waardestijging bij A ligt, waardoor belanghebbende gevrijwaard is van waardedaling maar ook een mogelijke winst misloopt. De berekeningswijze van de Inspecteur wordt als aannemelijk en juist beschouwd. Tevens is voldaan aan het bewustzijnsvereiste en is de vermogensverschuiving gedekt door aanwezige en toekomstige winstreserves.
Het beroep van belanghebbende wordt ongegrond verklaard en de winstcorrectie gehandhaafd. Proceskosten worden niet toegewezen aan belanghebbende.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende wordt ongegrond verklaard en de winstcorrectie van ƒ 385.000 bevestigd.