ECLI:NL:GHSGR:2004:AO9397
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- De Bruijn-Lückers
- Filippini
- Van Kempen
- Rechtspraak.nl
Veroordeling medeplegen moord en verbergen lijk met vernietiging bewijsmateriaal
In deze strafzaak stond verdachte terecht voor medeplegen van moord en het verbergen van het lijk van het slachtoffer. Het hof oordeelde dat verdachte samen met een medeverdachte het slachtoffer op koelbloedige wijze heeft gedood en daarna sporen heeft uitgewist door de auto in brand te steken.
De verdediging voerde aan dat de politie onder gezag van het openbaar ministerie onrechtmatig had gehandeld door de auto, waarin het slachtoffer werd doodgeschoten, te vroeg te vernietigen, waardoor aanvullend technisch onderzoek onmogelijk werd. Het hof erkende een onherstelbaar vormverzuim, maar verbond hieraan geen rechtsgevolgen omdat het belang van de verdachte niet was geschaad en relevant bewijsmateriaal was veiliggesteld.
Het bewijs bestond uit verklaringen van de verdachte, medeverdachte en getuigen, die consistent en geloofwaardig waren. Het hof verwierp de stelling dat de schuld op een ander was geschoven en concludeerde dat verdachte met voorbedachte rade handelde. De straf werd vastgesteld op twaalf jaar gevangenisstraf, met aftrek van voorarrest.
Daarnaast werd de verdachte veroordeeld tot betaling van schadevergoeding aan de benadeelde partij en tot verbeurdverklaring van voorwerpen die de opsporing hadden belemmerd. Het vonnis van de rechtbank werd vernietigd en het hof deed opnieuw recht.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot twaalf jaar gevangenisstraf voor medeplegen van moord en verbergen lijk.