ECLI:NL:GHSGR:2004:AR5378
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- Savelbergh
- Vonk
- Van Leijenhorst
- Rechtspraak.nl
Vernietiging navorderingsaanslag vermogensbelasting en afwijzing schadevergoeding
Belanghebbende kreeg voor het jaar 1987 een primitieve aanslag vermogensbelasting opgelegd, gevolgd door een navorderingsaanslag met een belastingverhoging die deels werd kwijtgescholden. Na bezwaar handhaafde de Inspecteur de aanslag, waarna belanghebbende in beroep ging bij het Gerechtshof Amsterdam. Dit Hof vernietigde de navorderingsaanslag, maar de Hoge Raad verwees de zaak terug voor hernieuwd onderzoek aan het Gerechtshof 's-Gravenhage.
Tijdens de behandeling in 's-Gravenhage werden meerdere zaken gezamenlijk behandeld. Het Hof stelde vast dat de navorderingsaanslag inkomstenbelasting over 1986 was vernietigd, wat ook de vernietiging van de navorderingsaanslag vermogensbelasting over 1987 meebrengt. Het beroep behoeft verder geen behandeling.
Belanghebbende verzocht tevens om schadevergoeding wegens vermeende aantasting van zijn eer en goede naam door de Inspecteur. Het Hof oordeelde dat de Inspecteur binnen de grenzen van het toelaatbare is gebleven, mede gelet op de aard van het geschil waarbij mogelijke kwade trouw en schuld van belanghebbende aan de orde waren. Er was geen bewijs van schending van geheimhoudingsplicht of causaal verband met schade. Het verzoek om schadevergoeding werd daarom afgewezen.
Het Hof veroordeelde de Inspecteur in de proceskosten aan de zijde van belanghebbende, vastgesteld op €690, en wees de Staat der Nederlanden aan als de rechtspersoon die deze kosten moet vergoeden. De uitspraak werd op 26 oktober 2004 in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: De navorderingsaanslag vermogensbelasting is vernietigd en het verzoek om schadevergoeding is afgewezen.