ECLI:NL:GHSGR:2007:BA5702
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- J. Borgesius
- C.G.M. van Rijnberk
- D.J.C. van den Broek
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens ontbreken beledigend karakter van symbolen met Keltische Kruizen en SS-emblemen
In deze strafzaak stond de verdachte terecht wegens het dragen van ringen, emblemen, speldjes en vlaggetjes met daarop Keltische Kruizen, een IJzeren kruis met Jodenster, SS-totenkopfen en een oorlogsvlag van het Duitse Rijk. De politierechter sprak verdachte in eerste aanleg vrij van het tenlastegelegde omdat het beledigende karakter ontbrak.
De officier van justitie ging tegen deze vrijspraak in hoger beroep. Het gerechtshof te 's-Gravenhage heeft het vonnis van de politierechter vernietigd en het onderzoek op de terechtzitting in hoger beroep voortgezet. Na beoordeling van de feiten en het bewijs oordeelde het hof dat de afbeeldingen en symbolen niet het vereiste beledigende karakter bezaten om de tenlastelegging te ondersteunen.
Daarom sprak het hof de verdachte vrij van het tenlastegelegde. Tevens werd gelast dat de inbeslaggenomen voorwerpen, waaronder de genoemde symbolen, aan de verdachte worden teruggegeven. De vordering van de advocaat-generaal tot veroordeling werd door het hof niet gevolgd.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens ontbreken van het vereiste beledigende karakter van de gedragen symbolen.