ECLI:NL:GHSGR:2007:BB9150
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vervoerder DHL aansprakelijk voor zoekraken zending computerapparatuur onder CMR-verdrag
DHL nam een zending computerapparatuur in ontvangst voor vervoer van Utrecht naar Engeland. Tijdens het transport raakte de zending zoek, waarna Landis B.V. DHL aansprakelijk stelde. De rechtbank oordeelde dat DHL aansprakelijk was wegens opzet of daarmee gelijk te stellen schuld van haar medewerkers en legde een schadevergoeding op.
DHL stelde in hoger beroep dat het CMR-verdrag niet van toepassing was en voerde verweer tegen de aansprakelijkheid. Het hof verwierp deze grieven en bevestigde dat het vervoer onder het CMR-verdrag valt, mede omdat DHL de vrijheid had om het vervoer over de weg te laten plaatsvinden. Ook werd vastgesteld dat DHL onvoldoende bewijs leverde om het verwijt van opzet of grove schuld te weerleggen.
Het hof wees erop dat DHL niet adequaat had onderzocht wat er met de zending was gebeurd en dat het late overleggen van het onderzoeksrapport onvoldoende was om aan haar verzwaarde motiveringsplicht te voldoen. De subrogatie van Nationale Nederlanden als verzekeraar werd eveneens bevestigd. Het hoger beroep werd afgewezen en de vonnissen van de rechtbank bekrachtigd, met veroordeling van DHL in de proceskosten.
Uitkomst: Het hof wijst het hoger beroep van DHL af en bevestigt haar aansprakelijkheid voor het zoekraken van de zending onder het CMR-verdrag.