ECLI:NL:GHSGR:2008:BC4547
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- M.A.F. Tan-de Sonnaville
- Th.W.H.E. Schmitz
- J.H.W. de Planque
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-vernietigingsovereenkomst faillissements-pauliana bij overdracht huurrechten bakkerijwinkels
In deze civiele procedure staat centraal of een overeenkomst van 5 juni 2003, waarbij huurrechten van bakkerijwinkels werden overgedragen aan Winvest Pijnacker B.V., vernietigbaar is op grond van artikel 42 van Pro de Faillissementswet (faillissements-pauliana). De curator in het faillissement van Ex-Vel B.V. stelde dat deze overeenkomst schuldeisers benadeelde doordat de controle over de winkels aan de R.-groep kwam, waardoor een marktconforme verkoopprijs niet kon worden gerealiseerd.
De feiten tonen aan dat de Van Velzengroep en Luijtengroep commercieel en financieel verweven waren en dat betalingen in het kader van de overeenkomst beide groepen ten goede kwamen. De curator kon niet aantonen dat potentiële kopers, zoals Van der Breggen B.V., niet bereid waren de huurrechten over te nemen van Winvest als onderverhuurder. Ook was de curator niet in staat om het causaal verband aan te tonen tussen de overeenkomst en een benadeling van schuldeisers.
Het hof oordeelde dat de curator onvoldoende bewijs had geleverd voor zijn stellingen en dat de opzegging van de huurovereenkomsten door de curator zelf indeplaatsstelling juridisch blokkeerde. Hierdoor ontbrak de noodzakelijke benadeling van schuldeisers. De overige grieven faalden en het hof bekrachtigde het bestreden vonnis, veroordeelde de curator in de kosten van het hoger beroep en verklaarde het arrest uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: De overeenkomst is niet vernietigbaar als faillissements-pauliana omdat geen benadeling van schuldeisers is vastgesteld.