ECLI:NL:GHSGR:2008:BF0694
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- P.J.J. Vonk
- J.W. Savelbergh
- H.J. van den Steenhoven
- Rechtspraak.nl
Vermindering navorderingsaanslag en boetebeschikking na niet-ontvankelijkheid vaststellingsovereenkomst
Belanghebbende en haar echtgenoot openden in 1993 een bankrekening bij de Kredietbank Luxemburg, waarvan het saldo en de rente niet in de belastingaangiften waren opgenomen. Een vaststellingsovereenkomst tussen belanghebbende en de Inspecteur leidde tot een navorderingsaanslag en volledige kwijtschelding van de boete. De Hoge Raad vernietigde deze overeenkomst wegens ongeldigheid, waardoor partijen niet langer gebonden zijn aan de inhoud ervan.
Het geschil betrof of de navorderingsaanslag moest worden verminderd tot €174 aan enkelvoudige belasting en of de boetebeschikking kon worden vastgesteld op €87 zoals de Inspecteur betoogde, dan wel op nihil zoals belanghebbende stelde. Het Hof oordeelde dat de vernietiging van de vaststellingsovereenkomst niet betekent dat de navorderingsaanslag geheel moet vervallen, aangezien belasting over het jaar 1998 verschuldigd bleef.
De boete bleef volledig kwijtgescholden, omdat de Inspecteur niet op het kwijtscheldingsbesluit kon terugkomen. Het Hof verklaarde het beroep gegrond, verminderde de navorderingsaanslag tot €174 en veroordeelde de Inspecteur tot vergoeding van proceskosten en griffierecht. De uitspraak werd op 15 juli 2008 in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: De navorderingsaanslag wordt verminderd tot €174 en de boete blijft volledig kwijtgescholden.