Uitspraak
GERECHTSHOF ‘s-GRAVENHAGE
arrest van de eerste civiele kamer d.d. 6 januari 2009
[appellante] ,
de gemeente Alblasserdam,
Het geding
Beoordeling van het hoger beroep
“Overgeschreven ten hypotheekkantore te Dordrecht [datum 2] … opgenomen in deel [... ] , nr [nummer] …”.Informatie door de Gemeente opgevraagd bij het Kadaster leidde tot een brief van het Kadaster van [datum 4] , volgens welke de akte van [datum 1] was “ingeschreven in de openbare registers” maar “omdat genoemde akte destijds niet is aangetekend in de daarvoor bestemde registers” niet naar voren is gekomen bij onderzoek naar op het perceel gevestigde erfdienstbaarheden.
“Overgeschreven ten hypotheekkantore te Dordrecht [datum 2] … opgenomen in deel [... ] , nr [nummer] …”bezien in samenhang met de mededeling van de bewaarder in de brief van [datum 4] dat de akte is ingeschreven in de registers leidt het hof af, dat de akte wél is ingeschreven in de openbare registers voor onroerende zaken en daaraan onderworpen rechten. Vervolgens is in de kadastrale registers ten onrechte geen melding gemaakt van de erfdienstbaarheid. Dit neemt echter niet weg dat de erfdienstbaarheid door voormelde inschrijving van de akte op [datum 2] is gevestigd.
Op 8 februari 2000 is laatstgenoemd perceel vervallen en onder meer overgegaan naar het nieuwe perceel kadastraal bekend …. [perceelnummer ...] ”.