ECLI:NL:GHSGR:2009:BL3505
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- J.J.J. Engel
- J.W. Savelbergh
- E.J.M. Rosier
- Rechtspraak.nl
Bevestiging rechtmatigheid heffingsrenteverhoging in vennootschapsbelasting 2002
Belanghebbende, een besloten vennootschap actief in de veevoederproductie en handel, betwistte de door de Inspecteur opgelegde heffingsrente over de vennootschapsbelasting 2002. De heffingsrente was verhoogd van 3,5% naar 5% in 2005, wat belanghebbende onrechtmatig achtte vanwege vermeende schending van het EVRM en disproportionaliteit.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en het Gerechtshof bevestigde deze uitspraak. Het hof overwoog dat de verhoging van de heffingsrente een wettelijke opslag betrof die bedoeld was om het rentepercentage meer marktconform te maken. Deze opslag was ingevoerd als budgettaire maatregel, maar dat maakte de maatregel niet onrechtmatig of disproportioneel.
Het hof benadrukte dat de wetgever bewust heeft gekozen geen rente-écart in te voeren, waardoor het rentepercentage dat de Staat ontvangt gelijk is aan het percentage dat belastingplichtigen ontvangen. Dit weerlegt de stelling van belanghebbende dat er geen fair balance is tussen het doel van de heffingsrente en de gevolgen voor belanghebbende.
Ook concludeerde het hof dat er geen schending is van internationale verdragsbepalingen, waaronder artikel 1 van Pro het Eerste Protocol bij het EVRM. Belanghebbende werd niet in het gelijk gesteld en de proceskosten werden niet aan een partij toegewezen.
Uitkomst: Het Gerechtshof bevestigt de rechtmatigheid van de heffingsrenteverhoging en verklaart het hoger beroep ongegrond.