ECLI:NL:HR:2006:AX7360
Hoge Raad
- Cassatie
- A.E.M. van der Putt-Lauwers
- F.W.G.M. van Brunschot
- C.B. Bavinck
- Rechtspraak.nl
Navordering inkomstenbelasting bij onjuiste verwerking verlies aanmerkelijk belang
Belanghebbende diende aangifte in voor de inkomstenbelasting 2000 met een verlies uit aanmerkelijk belang van ƒ120.000. De Inspecteur verrekende aanvankelijk het volledige bedrag in het aanslagbiljet, maar legde later een navorderingsaanslag op waarbij slechts 25% van het verlies werd verrekend. Het Hof oordeelde dat sprake was van een discrepantie tussen de bedoeling van de Inspecteur en het aanslagbiljet door een intoetsfout.
De Hoge Raad stelde vast dat de fout het gevolg was van een onjuiste gegevensverwerking veroorzaakt door een verkeerde veronderstelling over het geautomatiseerde systeem binnen de Belastingdienst. Dit betekent dat de Inspecteur de gevolgen van deze werkwijze moet dragen en dat de navordering niet gegrond is.
De Hoge Raad verklaarde het beroep gegrond, vernietigde de uitspraak van het Hof en de navorderingsaanslag, en veroordeelde de Staat tot vergoeding van de proceskosten aan belanghebbende. Hiermee werd de navordering wegens onjuiste verwerking van het verlies uit aanmerkelijk belang afgewezen.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt de navorderingsaanslag en veroordeelt de Staat tot vergoeding van de proceskosten.