ECLI:NL:GHSGR:2009:BL3538
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging uitspraak rechtbank inzake arbeidskorting bij IB/PVV aanslag 2004
Belanghebbende heeft voor het jaar 2004 een aanslag inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen ontvangen waarbij de arbeidskorting werd gecorrigeerd omdat de inkomsten uit vroegere dienstbetrekking kwamen. Hij stelde dat de inspecteur bij de definitieve aanslag niet mocht terugkomen op het standpunt van de voorlopige aanslag waarin arbeidskorting was toegepast.
De rechtbank wees het beroep af en het hof bevestigt deze uitspraak. Het hof stelt dat de inspecteur in beginsel niet gebonden is aan het standpunt van een voorlopige aanslag vanwege de aard en wijze van totstandkoming daarvan. Een uitzondering geldt alleen als de belastingplichtige een aangelegenheid uitdrukkelijk en gemotiveerd heeft voorgelegd en de inspecteur een weloverwogen standpunt heeft ingenomen.
Belanghebbende had niet uitdrukkelijk en gemotiveerd gesteld recht te hebben op arbeidskorting ondanks het ontbreken van inkomsten uit tegenwoordige dienstbetrekking. Daarom is geen uitzondering van toepassing. Het hof verklaart het hoger beroep ongegrond en bevestigt de uitspraak van de rechtbank.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.